voorjaarstoepassing drijfmest in aardappelen22-7-2011: Mest in aardappelen beter benutten

Hoe breng je dierlijke mest emissiearm in een aardappelgewas, zonder schade te veroorzaken aan de bodem, en met een maximale benutting van de nutriënten? Dat is de vraag die een groep akkerbouwers in Flevoland beantwoord wil zien in het praktijknetwerk Verbetering mestbenutting aardappelteelt. Samen werken zij aan het ontwikkelen en inpassen van nieuwe technieken.
De afgelopen jaren hebben verschillende aardappeltelers en loonwerkers machines ontwikkeld waarmee zij na het poten van de aardappelen mest kunnen uitrijden. Dat lukt in sommige gevallen aardig, maar praktijkrijp is de techniek nog niet. Probleem is dat er in korte tijd een groot volume (en dus gewicht) over een kwetsbare bodem moet, waardoor er al snel structuurschade optreedt. Ook heeft de Algemene Inspectie Dienst (AID) aangegeven dat geen van de technieken het predikaat ‘emissie-arm’ mag dragen, waardoor er wettelijk gezien nog steeds geen mogelijkheid is voor een voorjaarsaanwending.

Vanwege deze knelpunten wordt er nog maar nauwelijks gebruik gemaakt van dierlijke mest in het groeiseizoen van de aardappelen. En dat is jammer, vinden de deelnemende boeren in het praktijknetwerk Verbetering mestbenutting aardappelteelt. Zij zien dierlijke mest als een goede en financieel aantrekkelijke bron van mineralen voor een behoeftig gewas als aardappelen. Uitrijden in het voorjaar heeft sterk de voorkeur omdat er dan meer mineralen worden benut dan bij een toepassing in het najaar op kale grond. In de wintermaanden treden er onherroepelijk verliezen op door uitspoeling. Ook willen de telers inspelen op nieuwe mestvarianten die op de markt komen, afkomstig van de productie van biogas en mestbewerking.

In het netwerk staat de zoektocht naar betere uitrijtechnieken voorop. Daar hoort ook een uitgekiende logistiek bij, want bij het toepassen van mest op de klei is de uitrijperiode kort. Daarnaast willen de telers uitzoeken hoe zij het mineralenaanbod zo goed mogelijk kunnen laten aansluiten op de behoefte van het gewas. Zij denken daarbij aan precisietechnieken, zoals stikstofmetingen in de planten. Hiermee willen ze voorkomen dat er een negatief effect ontstaat op de aardappelkwaliteit en de verwerkbaarheid bij afnemer. Ook doen de telers in het netwerk ervaring op met de inzet van producten van bewerkte mest (digestaat, dunne fractie e.d.).

Het praktijknetwerk heeft op twee locaties in Flevoland demovelden aangelegd, waarin de prestaties van verschillende uitrijtechnieken en mestsoorten naast elkaar worden vergeleken. Studenten van de HAS in Dronten meten de verdichting van de bodem en brengen de stikstofbenutting in kaart.

« Nieuwsoverzicht